Spreken we af bij de peer of bij de kaas?

De Beemster Compagnie, een samenwerking tussen BPD | Bouwfonds Gebiedsontwikkeling en de gemeente Purmerend, realiseerde drie kunstwerken bij de gebiedsontwikkeling Zuidoostbeemster en Middenbeemster. Kunstwerken om te koesteren, waar bewoners elkaar kunnen ontmoeten. Of waar ze in stilte van kunnen genieten.

Het is een koude, winderige dag. Arie Reijm, voorzitter van het Historisch Genootschap Beemster, is op het weer gekleed. Hij wijst de weg naar De Beemster Beelden van kunstenaar Rob Cerneus. 

Het kunstwerk bestaat uit twee metalen frames die recht tegenover elkaar op een as staan. Op het eerste frame, weerspiegeld in een sloot, rust een paar bronzen handen dat een kaaswiel vasthoudt. 

“Dat frame verbeeldt de openheid van het polderlandschap,” duidt Reijm. 

“Maar het beeld straalt ook kracht en saamhorigheid uit, het toont wat mensenhanden hier in de Beemster hebben gerealiseerd. Zo zie ik dat.” 

Image
Arie Reijm (l) en Pascal Verkroost bij een van de Beemster Beelden van Rob Cerneus. Foto Maarten Delobel

Leuk weetje: de bovenkant van het frame ligt gelijk aan de NAP-lijn, zodat in één oogopslag zichtbaar is hoe ver de bewoners van de Beemster onder zeeniveau leven. 3,75 meter, om precies te zijn. 

Ooit lag op deze plek een meer, maar dat werd in 1612 door waterbouwkundige Jan Adriaanszoon Leeghwater drooggemalen, als project van rijke Amsterdammers die nood hadden aan vruchtbare landbouwgrond. Middenbeemster ligt nu als een rechthoekig eiland in een zee van sapgroene polder, opgezet met de logica van een dambord. Rechte kavels, rechte sloten, rechte zichtlijnen. 

De Beemster Beelden staan in de nieuwbouwwijk De Keyser, genoemd naar de zeventiende-eeuwse Hervormde Kerk in het centrum van Middenbeemster. De nieuwbouw knipoogt naar de traditie, met hier en daar typische piramidedaken en houten mansardekappen.

Op 30 november vorig jaar werden De Beemster Beelden onthuld, herinnert Reijm zich: “Drie generaties stonden hier op deze as. Een stoet van wel tweehonderdvijftig mensen. Er was muziek. Je voelde de trots in de buurt.” 

Reijms ogen lijken wat vochtig, maar dat kan ook door de striemende wind komen. “Een kunstwerk is meer dan alleen een object,” verklaart hij. “Het roept emoties op, het brengt mensen bij elkaar. Ik kan er wel… in stilte naar kijken, naar die Beemster Beelden.” 

Om het tweede beeld te bereiken volgt Reijm de loop van de sloot. “Ha Jan,” groet hij een voorbijganger. “Da’s m’n ouwe buurjongen. In 1962, toen de Beemster driehonderdvijftig jaar drooglegging vierde, heb ik samen met hem bij een optocht op een bokkenkar gezeten, verkleed als boerenjongens. We waren een jaar of tien. Het is echt ons kent ons hier. En het verenigingsleven, dat is de kurk waar alles op drijft.” 

Aan de rand van De Keyser staat Rob Cerneus’ tweede beeld, een frame met een bronzen aardappel en peer erop. “Hier dient het frame als venster op het vruchtbare akkerland,” zegt Reijm. “Een betere plek dan deze had niet gekund voor dit werk.”

Vaak hoor ik van mensen: kunst, moet daar nou echt geld naartoe? Heel anders dan bij sport, dat staat nooit ter discussie

Sinds 2022 is de Beemster gefuseerd met de gemeente Purmerend, en alles wat met kunst en cultuur te maken heeft, valt onder de portefeuille van wethouder Pascal Verkroost. Daarnaast gaat Verkroost over gebiedsontwikkeling en ruimtelijke ordening in de gemeente. En hij is lid van Stichting Werelderfgoed Nederland, een stichting waarin alle UNESCO werelderfgoederen in Nederland samenwerken. Zowel het Beemster polderlandschap als de forten van de Hollandse Waterlinies–de Stelling van Amsterdam –behoren namelijk tot het UNESCO werelderfgoed. 

“Het voornemen om meer buitenkunst in de Beemster te realiseren stond al vermeld in de Cultuurnota 2008-2012,” weet Verkroost. “Vaak hoor ik van mensen: kunst, moet daar nou echt geld naartoe? Heel anders dan bij sport, dat staat nooit ter discussie. Terwijl kunst eenzelfde soort ontspanning biedt, zowel voor de beoefenaars als de beschouwers. BPD is gelukkig een partner die het belang inziet van de toegevoegde waarde van kunst.”

Image
Martijn Hemmer met een schaalmodel van een van de Beemster Beelden van Rob Cerneus. Foto: Maarten Delobel

Dat kan Martijn Hemmer, senior ontwikkelingsmanager van BPD voor de regio Noord-Holland Midden, bevestigen. “We waren hier in de Beemster net onze nieuwbouwplannen aan het ontwikkelen toen de financiële crisis kwam,” vertelt hij. “Wat is dan het makkelijkste om uit het budget te strepen? Kunst. Maar bij ons is dat inderdaad nooit aan de orde geweest.” 

Hemmer zit in het projectbureau van De Beemster Compagnie, de publiek-private constructie waarin de gemeente Purmerend en BPD samen optrekken, met een fifty-fifty spreiding van de grondexploitatie en de risico’s. Hij pakt een kaart van de regio erbij om aan te wijzen waar de nieuwbouwwijken De Keyser in Middenbeemster en De Nieuwe Tuinderij in Zuidoostbeemster zijn verrezen. “Dat zijn respectievelijk 590 en 550 woningen erbij. Op een stad als Amsterdam stelt dat weinig voor, maar op een plaats met 8800 inwoners is het een gigantische uitbreiding. Dan moet je zorgvuldig te werk gaan.” 

Bij de bouw moest bovendien rekening worden gehouden met de werelderfgoedstatus van de Beemster. “Kijk, hier lopen kaarsrechte primaire lijnen, zoals sloten, en daartussen liggen de secundaire lijnen met bijvoorbeeld groenstructuren. Die kwadranten zijn allemaal gehandhaafd in het stedenbouwkundig plan. Supergaaf dat het gelukt is om kunst aan zulke complexe gebiedsontwikkeling toe te voegen, en dat de gemeente daar van meet af aan ruimte voor maakte.”

Aangezien er al een aantal huizen waren opgeleverd toen het balletje ging rollen, konden de bewoners van De Keyser en De Nieuwe Tuinderij meedenken over wat voor kunstwerken ze in hun wijk zouden krijgen. Allereerst werd De Beemster Boog van kunstenaar Gabriel Lester opgeleverd, een boogvormig bruggetje dat twee delen van de wijk met elkaar verbindt. In het midden van de Boog staat een huisje dat is opgetrokken uit dezelfde bruine baksteen als de omringende nieuwbouw. “In een dorp als Zuidoostbeemster wordt zo’n brug vanzelf een ontmoetingsplek waar buren elkaar begroeten,” zegt Hemmer. “De looplijnen bestaan al, maar het gemeenschapsgevoel kun je met kunst versterken.” 

“Lange tijd was het beleid in de regio om zo snel mogelijk zoveel mogelijk woningen te bouwen,” vertelt wethouder Verkroost. “Maar inmiddels is het besef ingedaald dat je ook moet bouwen aan een gemeenschap. Dat vraagt om ontmoetingsruimte, en om kunst. Want kunst spreekt mensen aan, het vormt een herkenningspunt in hun leefomgeving.”

Kunst spreekt mensen aan, het vormt een herkenningspunt in hun leefomgeving

De Nieuwe Tuinderij werd vervolgens verrijkt met Polderdiepten, een kunstwerk van Birthe Leemeijer, opgebouwd uit damwanden die op verschillende hoogtes uit de aarde steken. Een verwijzing naar de geschiedenis van de verschillende waterpeilen van de Beemster. 

En tenslotte kwamen De Beemster Beelden van Rob Cerneus in De Keyser. “We zouden met de gemeente een uurtje bij Rob op atelierbezoek gaan,” herinnert Verkroost zich, “maar uiteindelijk hebben we tweeëneenhalf uur aan zijn lippen gehangen. Zo’n bevlogen man is het.” 

Cerneus ging met bewoners praten over welke gevoelens de Beemster bij ze oproept, en hij liet schoolkinderen tekeningen maken van wat ze in zijn kunstwerk terug hoopten te zien. Ook het Historisch Genootschap van Arie Reijm mocht bij Cerneus aanschuiven om input te geven. 

Image
Voorbijgangers in het kunstwerk 'Polderdiepten' van Birthe Leemeijer in Zuidoostbeemster. Foto Maarten Delobel

“In die gesprekken wilde ik de openheid en de rechte lijnen van het landschap benadrukken,” vertelt Reijm, “en dat is ook onderdeel geworden van het werk.” Haastig voegt hij eraan toe: “Maar dat zou Rob misschien zelf ook wel bedacht hebben. Hem komt alle eer toe. En nu het werk eenmaal gerealiseerd is, geeft het iedereen een gevoel van trots. Als iemand graffiti op de beelden zou spuiten, kom je aan een onderdeel van de wijk. En dat wordt beschermd. Als er alleen een rij huizen op die groenstrook had gestaan, zou ik daar niet per se mensen mee naartoe nemen. Maar door die beelden doe ik dat wel. En er zit meteen ook een verhaal aan vast.” 

Reijm is een liefhebber van hedendaagse kunst, die regelmatig het Stedelijk Museum in Amsterdam bezoekt. “Als er hier in de Beemster iets nieuws komt, moet dat altijd met respect voor het werelderfgoed worden ingepast. Maar we leven hier ook niet onder een kaasstolp. Kunst geeft een andere kijk op de wereld, en het is goed om op die manier met je tijd mee te gaan.”

Door de ontstaansgeschiedenis van De Beemster Beelden is een groot deel van de wijkbewoners nader met elkaar in contact gekomen. “De beelden hebben de wijk hun DNA gegeven, en het DNA van de wijk is in die beelden gaan zitten,” zegt wethouder Verkroost. 

Hoe kijkt hij zelf naar het kunstwerk? “Het zegt iets over het landschap,” mijmert Verkroost. “De rechte lijnen van ons polderlandschap hebben een kille logica, zou je kunnen zeggen. Maar tegelijkertijd gingen er mensen langs die lijnen pionieren, mensen die hun lieve zaligheid in hun huis en hun grond staken. Warmte, dus. Het kaaswiel staat voor het voeden van je gezin, je familie. Zo is de Beemster groot geworden. Dat vind ik mooi. En als zo’n werk er over honderd jaar nog staat, dan is het iets bijzonders gebleken.” 

Verkroost glimlacht weemoedig. “Ik groeide op in Purmer–Noord, daar stond een beeld van een koe en een stier. Daar spraken we altijd af als we met vriendjes gingen voetballen. Zo kan het ook met De Beemster Beelden gaan, dat kinderen tegen elkaar zeggen: zullen we afspreken bij de aardappel en de peer, of bij de kaas?”

Op de hoogte blijven van ons werk?