Als iedereen zijn rol pakt, gaat participatie werken

Hoe kun je als gemeente en gebiedsontwikkelaar samenwerken om participatie écht te laten slagen? Alex Sannes, projectleider bij de gemeente Lingewaard, en Isaac Roeterink, ontwikkelaar bij BPD, gaan in gesprek.
  • Publicatiedatum: 13 mei 2026

In de printeditie van BPD Magazine is helaas per abuis een onjuiste weergave van het interview verschenen. Dit online interview is de juiste weergave.

 

Isaac Roeterink: ‘We zijn als gebiedsontwikkelaars natuurlijk leefomgevingen aan het maken. Zo'n nieuwe leefomgeving moet verankerd raken in het bestaande geheel, en omarmd worden door de mensen die er komen wonen en werken. Ik denk dat participatie daar een belangrijke rol in kan spelen. Wij kunnen een beter plan maken door lokale kennis en inzichten te gebruiken, van omwonenden maar zeker ook anderen die het gebied goed kennen. Ook is het van belang waar mogelijk rekening te houden met aandachtspunten die belanghebbenden aandragen, en tegemoet te komen aan wensen die een gebied tot een prettige leefomgeving maken.’

Image
Alex Sannes studeerde planologie en werkte bij diverse lokale overheden op het terrein van ruimtelijke ordening en gebiedsontwikkeling. Sinds 2024 is hij projectleider bij de gemeente Lingewaard.
Gezamenlijk optrekken

Alex Sannes: ‘Dat herken ik. Daarbij is het essentieel om vanaf het begin écht gezamenlijk op te trekken als gemeente en gebiedsontwikkelaar. Zo krijg je niet alleen een haalbaar maar ook een sterk plan. Ik ben nu twee jaar betrokken bij het voormalige kassengebied in Huissen in de Betuwe, waar wij elkaar van kennen. Gemeente Lingewaard heeft daar samen met BPD en ook ontwikkelaar Van Wonen de afgelopen jaren gewerkt aan een gebiedsvisie om te komen tot een nieuwe duurzame woonomgeving; Driegaarden. Van meet af aan hebben veel belanghebbenden hun aandachtspunten ingebracht. Er waren best wat zorgen, of de nieuwe huizen bijvoorbeeld te dicht op de bestaande huizen zouden komen. En of er niet te veel autoverkeer komt die opstoppingen in Huissen veroorzaken. Deze zorgen zijn meegenomen bij het maken van de gebiedsvisie. En het mooie is: die is inmiddels unaniem vastgesteld door de gemeenteraad. Ook horen we van inwoners dat ze achter de verandering staan om hier een woonomgeving te maken. Het wordt herkend dat er woningen nodig zijn in Huissen. Wel blijven aandachtspunten als verkeersontsluiting actueel. Het participatietraject wordt voortgezet. We zijn nu in de ontwerpfase, waarin de gebiedsontwikkelaars in de lead zijn.'  

Participatie is zoeken naar de best passende nieuwe leefomgeving voor alle partijen

Heldere verwachtingen

Roeterink: ‘Het gebied bestaat uit Gaard 2 en Gaard 3. Groen en natuur zijn belangrijke dragers van de gebiedsontwikkeling. De stedenbouwkundige en landschappelijke planvorming, en daarmee ook het participatietraject, werken we uit met gebiedsontwikkelaar Van Wonen. Ook lokale partijen Zaat Vastgoed en Walvoort Ontwikkeling zijn betrokken bij de totstandkoming.'

Sannes: ‘Na het vaststellen van de gebiedsvisie zijn we als gemeente in nauwe samenwerking met de ontwikkelaars gaan werken aan een nota van uitgangspunten. Dit vraagt tijd en is een zorgvuldig traject. In dit gebied komen in de toekomst zo'n 650 huishoudens te wonen. We hebben afspraken gemaakt over zaken als het aantal vierkante meters groen en water per woning, de maximale bouwhoogte, parkeren en woonprogrammering. Op basis van de nota van uitgangspunten kon bepaald worden wat al vast staat en wat met inbreng van participatie verbeterd of verder uitgewerkt kan worden.'

Roeterink: ‘Ja, die kaders zijn belangrijk. Als je als gemeente en ontwikkelaar niet helder genoeg bent, kan je in de situatie belanden dat je betrokkenen de verkeerde verwachtingen biedt. Alsof je nog alle kanten op kunt. Maar dat werkt in Nederland, waar de ruimte schaars is en daardoor ook heel zorgvuldig ingevuld moet worden, niet zo. Denk aan de waterbergingsopgave of de maximale bouwhoogte, dat staat juist vast om de kwaliteit van de leefomgeving te kunnen borgen. Ditzelfde geldt voor het aandeel sociale huur in projecten.'

Op zoek naar verschillende perspectieven

Sannes: ‘Op bepaalde onderdelen hebben we als gemeente inderdaad zaken vastgelegd. Het aandeel sociale huur is een voorbeeld, maar in het geval van Driegaarden ook de locatie waar de ontsluiting naar de nieuwe wijk komt. Ook dat is al bepaald. Mensen kunnen wel inbreng leveren over hoe de ontsluiting op een goede manier ontworpen kan worden. Denk aan verkeersdrempels en beplanting. Inbreng van mensen die dagelijks lopen, fietsen, autorijden in het gebied is waardevol. Zij kunnen vertellen dat er bijvoorbeeld veel wandelaars over de weg lopen die vanaf hier het achterliggende natuurgebied in gaan. Nuttige informatie, als je een nieuw kruispunt moet gaan aanleggen.’

Roeterink: ‘Dat is precies de reden dat we echt op zoek zijn gegaan naar verschillende geluiden in het participatietraject. Het horen van verschillende stemmen, en verschillende perspectieven. Bij de totstandkoming van de gebiedsvisie hebben omwonenden aangegeven graag een klankbordgroep te willen vormen. Daar hebben we gehoor aan gegeven. We werken met een groep mensen met diverse achtergronden: direct omwonenden, een ondernemer, belangenverenigingen vanuit de wijk en natuur, jonge mensen die hier in de toekomst misschien wel willen wonen, en ook een expert van de woningcorporatie die staat voor het perspectief van de mensen die een sociale huurwoning willen huren. Het traject is nog in volle gang. Inmiddels hebben we enkele gesprekken gevoerd waarin aandachtspunten uitgediept zijn. Ook is er waardevolle kennis gedeeld over het collectieve tuindersverleden en de rol van de amaryllis die hier werd gekweekt. Dit geeft ons input om ook in de nieuwe woonomgeving een link naar de historie te kunnen maken, zodat je de verschillende lagen in de tijd in een gebied zichtbaar kunt maken.'

Image
Isaac Roeterink studeerde sociale geografie en volgde de MSRE vastgoedkunde. Hij werkt sinds 2022 als ontwikkelaar bij BPD in regio Noord-Oost & Midden.
Echt horen wat er speelt

Sannes: ‘Ondanks dat jullie als ontwikkelaar nu dit gesprek voeren met de omgeving, blijven we als gemeente wel goed aangehaakt. Uiteindelijk komt het beheer van de openbare ruimte bij de gemeente terecht, dus alles wat bedacht wordt, moet ook passen binnen hoe wij dat als gemeente kunnen beheren als het gebied straks eenmaal bewoond is.’

Roeterink: ‘Jij bent aanwezig als toehoorder bij de klankbordsessies. Heel belangrijk. Dan ken jij ook de inhoud van de gesprekken uit eerste hand, en als er thema's op tafel worden gelegd waar wij als ontwikkelaar niet over gaan, dan kun jij reageren. Zoals de verkeersontsluiting buiten het te ontwikkelen gebied. Jij kunt deze inbreng weer bij de gemeente intern onder de aandacht brengen. Daarop heeft de gemeente de informatievoorziening aan inwoners over verkeer en infrastructuur verbeterd.’   

Sannes: ‘Klopt. Het is belangrijk dat we nauw samen optrekken, ook in het participatietraject.’

Participatie gaat voor een groot deel over wederzijds begrip

Zoeken naar de best passende oplossing

Roeterink: ‘Voor mij is participatie geslaagd als deelnemers het gevoel hebben dat we aan het best mogelijke resultaat werken en we duidelijk laten weten wat we met inbreng hebben gedaan. Maar hoe bereik je die grote groep? Voor Driegaarden hebben we een online participatieplatform gemaakt. Daarop houden we laagdrempelig alle ontwikkelingen bij. Hiermee hebben we ook de mogelijkheid om onder een bredere groep mensen online enquêtes uit te zetten. En uiteraard organiseren we ook nog steeds brede bijeenkomsten voor een paar honderd mensen tegelijk.

Soms is participatie ook gewoon zo simpel als persoonlijk aanbellen bij mensen en vertellen wie je bent en wat je wilt gaan doen. Ik heb dat in het verleden bij een ander project wel eens gedaan bij een aantal boerderijen, die grensden aan onze ontwikkeling. Door die ontwikkeling zou het open landschap bebouwd gaan worden, en dat is natuurlijk een erg grote verandering. In koffietafelgesprekken heb ik de zorgen van de bewoners leren kennen en zo kon ik echt horen wat er speelt en konden we samen bespreken hoe hiermee om te gaan.’ 
Sannes: ‘Als je een zorgvuldig participatietraject aangaat met diverse stakeholdersgroepen, kun je daar wellicht ook juridische procedures mee voorkomen. Omdat je in dialoog bent, weet je beter elkaars belangen en reden waarom iets wel of niet doorgang kan hebben. Ook kom je sneller samen tot een oplossing die werkbaar is. Hoewel je natuurlijk zeker niet iedereen het naar de zin kunt maken. Participatie is zoeken naar de best passende nieuwe leefomgeving voor alle partijen.'

Roeterink: ‘Als er toch een juridische procedure komt, duurt zo'n traject toch al snel twee jaar. Gedurende deze periode is er sprake van onzekerheid voor alle betrokken partijen. Dat betekent ook dat belanghebbenden, inclusief woningzoekenden, tot wel twee jaar moeten wachten op helderheid. Je zorgen bespreken met een ontwikkelaar en samen naar de best passende oplossing zoeken kan vaak in een kortere tijd meer opleveren. Zo zijn we nu heel zorgvuldig aan het kijken naar de waterbergingsopgave in Driegaarden. Dankzij de kennis die omwonenden in de klankbordgroep delen, hebben we extra informatie om dat zo goed mogelijk te regelen.’

Sannes: ‘Soms kan ballast uit het verleden een uitdaging zijn bij participatie. Wantrouwen richting de gemeente, de overheid in het algemeen of andere partijen. Omdat dingen vroeger niet naar wens zijn verlopen. Het enige wat je dan kunt doen, is samen stapje voor stapje te werk te gaan. Je aan afspraken houden, serieus luisteren naar de zorgen die er leven. En kijken wat we daar dan wel én niet in kunnen doen.’

BPD Magazine ontvangen?

Dit artikel verscheen in BPD Magazine. De volgende editie kosteloos op uw deurmat ontvangen?