Terug naar de tekentafel #2: ontwerpkracht voor gelijkwaardigheid

Ontwerpers zien en ontdekken nieuwe wegen, geven deze vorm, lang voordat de wereld er zelf aan toe is. Hoe kijken zij naar de rol en inzet van ontwerpkracht en de grote maatschappelijke opgaven? In de tweede van de serie van vier gesprekken met toonaangevende ontwerpers, spreekt Patrick van der Klooster (BPD Studio) hierover met architect Jolijn Valk (Urban Echoes). Een gesprek over een prettige leefomgeving bieden door schoonheid en gelijkwaardigheid als uitgangspunt in het ontwerp te nemen.
Over Terug naar de tekentafel
Jolijn Valk Patrick Van Der Klooster Bpd Bouwfonds Gebiedsontwikkeling
Jolijn Valk (links) en Patrick van der Klooster (rechts)

In deze serie interviews ga ik op zoek naar de drijfveren van ontwerpers. Vanuit welke bron werken ze, en aan welke maatschappelijke agenda willen ze bijdragen? Is het vak een roeping voor je, of ben je simpelweg geboren als een architect?

‘Zeker! Hoewel ik daar pas later achter kwam. Ik kom uit een architectenfamilie; mijn opa en oom waren beiden architect en de oom van mijn opa (H.W. Valk) voerde architectenbureau Valk aan. Hij was een van de belangrijkste traditionalisten en bouwde veel kerken en woonhuizen. Zelf wilde ik of orthopedisch chirurg of kinderrechter worden: ik wilde graag dingen beter maken en ik stond voor rechtvaardigheid. Mijn vader was ook jurist. Toch ben ik in de voetsporen van mijn grootvader getreden en ben ik architect geworden. Mijn gevoel voor rechtvaardigheid ben ik overigens niet kwijtgeraakt.’

Jolijn Valk Patrick Van Der Klooster Bpd Bouwfonds Gebiedsontwikkeling
Welke mijlpalen typeren jou als ontwerper?

'Na een jaar rechten en vervolgens bouwkunde aan de Hanzehogeschool in Groningen ben ik naar de Academie van Bouwkunst in Amsterdam gegaan, waar ik afstudeerde op een ontwerp voor een brug over het IJ. Ik heb een fascinatie voor bruggen; ze dichten letterlijk en figuurlijk een kloof en zijn een plek in zichzelf. Zoals de in New York gevestigde architect Steven Holl zegt: een brug is "more than getting from a to b". Een brug is voor mij, in de woorden van Heidegger, waar ‘hemel en aarde samenkomen’. Ze stromen onder je door en over je heen. In die zin kun je een brug ook heel filosofisch analyseren, als een nieuw speelveld waar een nieuwe cultuur kan ontstaan. Tijdens mijn studie aan de Academie heb ik bij Search, Studioninedots en Concrete gewerkt. In de crisistijd, na mijn afstuderen, heb ik met een aantal andere ontwerpers het collectief By Bali opgericht. Wij wilden de wereld veranderen, het anders doen. Een mooie ambitie maar op een gegeven moment haalde de praktijk ons in en was het beter elk een eigen weg te gaan. We doen nog wel steeds projecten met elkaar en het was ook heel leerzaam om met verschillende ontwerpdisciplines samen naar bepaalde opgaven te kijken. Met dat laatste zijn we overigens ook niet gestopt, alleen niet onder de noemer van het collectief.'

De afgelopen jaren ben ik daar wel achter gekomen: architectuur is voor mij een middel om gelijkwaardigheid te creëren
Jolijn Valk
Architect - eigenaar Urban Echoes

Maatschappelijke waarden vragen om concrete praktijken en toepassingen. Hoe vertaal jij je denkbeelden naar het materiële of wellicht het aardse?

‘De afgelopen jaren ben ik daar wel achter gekomen: architectuur is voor mij een middel om gelijkwaardigheid te creëren. De architect creëert waarde wanneer hij of zij een omgeving vol schoonheid maakt. Daarmee bedoel ik een plek waar mensen graag komen en waar ze zich beter voelen. Waar ze zich verbonden voelen met zowel de gevels, de straat, als ook het geheel,  de stedenbouw, de openbare ruimte. Het is waar zoals Maxim Februari het in Zomergasten zei (op 18 augustus 2019, red.): schoonheid is een mensenrecht. Het heeft een betekenis voor iedereen en kan echt het verschil maken. Deze schoonheid gaat dus ook veel verder dan alleen vormgeving en design. Het is ook dienend aan de wensen van het publiek. Overigens is het omgekeerde ook waar: een mistroostige omgeving kan mensen een slecht gevoel geven.’

‘Er zijn mensen die zeggen: “Mooi, dat hoeft voor mij niet”. Daar geloof ik niets van. Mensen reizen immers vaak grote afstanden om in andere landen gebouwen, steden, wijken, pleinen vol van  schoonheid te gaan bekijken. Ik vind het teleurstellend dat  dit in ons dagelijks leven niet altijd mogelijk wordt gemaakt. Het heeft wat mij betreft ook heel veel met goed opdrachtgeverschap te maken. Op dat vlak kunnen we nog veel winst halen. Er wordt vrij gemakkelijk gezegd dat iedereen schoonheid verdient. Toch zie ik soms bij bepaalde projecten hoe de sociale huur onderschikt gemaakt wordt in het geheel; het sociale deel mag niet te veel  opvallen in termen van architectonische uitstraling. Ik heb daar wel eens een tender op verloren. Dat vind ik interessante onderwerpen om het over te hebben.’

Komt daar ook je leitmotif aan gelijkwaardigheid naar boven?

‘Zeker. Ik vind bijvoorbeeld woningen zonder buitenruimte echt schandalig. Ook al gaat het om kleine studio’s, ik probeer altijd iets te doen met bijvoorbeeld Franse balkons, met ramen, het gevoel van buiten. Iedereen heeft dat nodig. Het gaat om heel kleine dingen. Die een sfeer of emotie bij je oproepen. Het gevoel dat je in de zon kunt gaan zitten is van waarde voor een mens om zich goed te voelen. Allerlei ontwerpelementen dragen daaraan bij: oriëntatie, vorm van de ruimte, materialiteit, entrees, hoe ramen opengaan. Maar ook kleine details. De deurbel, de handrail langs de trap. Niet recht en van staal en koud, maar afgerond en van hout; warm materiaal dat mooi oud wordt. Je ziet hoe het gebruikt wordt, dat mensen je in een gebouw zijn voorgegaan. Al deze elementen maken met elkaar  echt het verschil. Er is een relatie tussen het ‘lichaam' van het gebouw (de architectuur en het materiaal) en het menselijke lichaam.’

Jolijn Valk Patrick Van Der Klooster Bpd Bouwfonds Gebiedsontwikkeling
Wat maakt een leefwereld betekenisvol?

‘Het betere gevoel dat zit vooral in ons onderbewuste. Ik las onlangs het grootschalig onderzoek van de KU Leuven hoe belangrijk volwassen, volgroeide bomen zijn voor het geluk van mensen. “Beter één volwassen boom, dan tien jonge". We weten dat, maar toch worden er aan de Amsterdamse grachten bomen gekapt. Dan gaat het dus om meer dan alleen het feitelijke groen dat er verdwijnt. Het gaat om de belangen die niet iedereen ziet. Het is lastig, maar zeker niet onmogelijk om daar de goede taal voor te vinden. Vooral als je met allerlei uiteenlopende opdrachtgevers te maken hebt. In principe ga je voor hetzelfde belang maar soms kom je dan toch weer tegenover elkaar te staan.’

 

Als we kijken naar de grote maatschappelijke opgaven voor de toekomst: welke vind jij het belangrijkst?

‘Voor mij scoren duurzaamheid en klimaat dan wel heel hoog. Ik ben niet een enorme moralist maar neig er soms wel een beetje naar. Ons mensbeeld, onze rol in de natuur: die moeten we veranderen. Hoe? Dat moeten wij zelf bedenken. Met het bureau investeren we bewust tijd om hier onderzoek naar te doen. Welke materialen gaan we bijvoorbeeld toepassen. Maar ook: hoe gaan steden er in de toekomst uitzien. Op dit moment onderzoeken we bijvoorbeeld nauwgezet wat je allemaal met korstmossen kunt doen. Dat blijkt een geweldig materiaal. Wij willen daar dan alles van weten. Of bijvoorbeeld de toepassing van biomimicry, technieken die gebaseerd zijn op de natuur. Daarmee kijken we terug naar heel oude, oorspronkelijke en beproefde bouwsystemen van culturen die met de natuur leven. Ik zie daar meer in dan het ontwerpen van duurzaamheid met de computer. Kunstmatige intelligentie is fantastisch maar ik wil het wel graag door de mens laten bijsturen. Die kan de context namelijk begrijpen.’

Kunstmatige intelligentie is super maar ik wil het wel graag door de mens laten bijsturen. Die kan de context namelijk begrijpen
Jolijn Valk
Architect - eigenaar Urban Echoes

Tenslotte nog de vraag over de actuele woningopgave. Je spreekt over de natuur als bron van innovatie, gelijkwaardigheid en schoonheid. Hoe brengen we deze waarden in bij de omvangrijke woningbouwopgave?

‘Standaardisatie hoeft niet per se tot beperkingen te leiden. De kunst is vooral om het systeem vanuit intelligente ontwerpkracht samen met de techniek te ontwikkelen. Standaardisatie moet ook aanpasbaar zijn en het kan bijdragen maar is niet hét antwoord. Maatwerk zal altijd nodig zijn, elke context is anders. Standaardisatie moet ook flexibel en aanpasbaar zijn. Net zoals dat destijds bij Bauhaus gebeurde en waar multifunctionaliteit, toegankelijkheid, aanpasbaarheid en betaalbaarheid nadrukkelijk samengingen. Kijk in deze tijd naar IKEA: zelfs zo’n bedrijf heeft echt goede ontwerpers in dienst. Daarbij herhaal ik dat we niet klakkeloos allerlei nieuwe modes en modellen moeten volgen. Dat is mij te gemakkelijk. Bij  mij thuis in het gezin van herkomst  werd eindeloos over zaken gediscussieerd en alles bevraagd, daar heb ik uiteraard wel iets van meegekregen. Ik vraag ook altijd dóór. Soms vindt men dat wel irritant. Maar het behoort tot de kern van wat wij doen als bureau: doordringen tot de verborgen lagen. Dat vergt ook veel van onszelf: zelfreflectie bijvoorbeeld. Daarom zie ik mezelf ook geen bureau van 300 medewerkers leiden. Wij willen het zelf voelen en doormaken. En dan mag je ook fouten maken, als je er maar van leert.’

Over Terug naar de tekentafel

Ontwerpers zijn de voelsprieten van de samenleving. Ze zien en ontdekken nieuwe wegen, geven dit vorm, lang voordat de wereld er zelf aan toe is. Maar wat betekent dit voor hun dagelijkse werk? Vinden ze door hun ervaring vanzelf nieuwe wegen of geven ze het vroegtijdig op bij gebrek aan belangstelling? In ‘Terug naar de tekentafel’ portretteert Patrick van der Klooster een aantal topontwerpers. Van der Klooster stapte in 2019 over vanuit de architectuurpraktijk naar gebiedsontwikkeling bij BPD. Vanuit de oprichting van BPD Studio in 2019 waar hij leiding aan geeft, gaat hij op zoek naar de agenda van ontwerpend Nederland. Dat levert inspirerende en betrokken gesprekken op. Van der Klooster spreekt onder meer met Michiel van Driessche (Felixx), Jolijn Valk (Urban Echoes), Daan Roggeveen (MORE Architecture) en Nina Aalbers (Architectuur MAKEN) en ziet een gezamenlijke nieuwe agenda ontstaan.

Op de hoogte blijven van ons werk?