'We moeten de stad leefbaar maken voor gezinnen en senioren'

Als de markt aantrekt, merkt BPD dat als landelijk werkende gebiedsontwikkelaar als eerste. Tenminste, dat zou je verwachten. VG Visie vroeg CEO Walter de Boer naar zijn visie op de Nederlandse woningmarkt, nu en in de toekomst.

Met ook een blik over de grens, waar BPD volop actief is in Duitsland en Frankrijk. Een gesprek over de kansrijke stedelijke regio’s, de vraag vanuit de markt en de woonmilieus die BPD daar tegenover zet. Een van de conclusies: het herstel is zeker daar. Met voor zijn BPD-organisatie de opgave daar slagvaardig op in te spelen. ‘Er is altijd een markt.’

Walter de Boer zet een optimistische toon in: ‘2014 kunnen we achteraf hopelijk kwalificeren als een kanteljaar. De stabilisatie van de woningmarkt in Nederland zet zich verder door. In tegenstelling tot het jaar ervoor hebben we veel meer woningen aan individuele kopers verkocht.

Sterke BPD-regio’s

Met het terugdringen van de organisatiekosten kan er worden gezorgd voor betaalbare woonproducten en een veel scherpere prijs-kwaliteitsverhouding, aldus De Boer: ‘In de keten dragen wij als gebiedsontwikkelaar nu veel sneller het stokje over, met name aan ontwikkelende bouwers die de laatste tijd met nieuwe concepten zijn gekomen. Op hun beurt hebben zij de kostprijs van hun woningen ook fors teruggedrongen.

Met BPD zijn we actief in Noordwest-Europa in 28 stedelijke regio’s. Daar speelt de markt zich af en daar willen we bij zijn. Gebiedsontwikkeling is een zeer kennisintensieve professie, wat samenwerking èn uithoudingsvermogen vraagt.’

CEO Walter de Boer

Verdere digitalisering

Een ander speerpunt volgens de BPD-CEO is het voeling houden met klantwensen: ‘Wij maken daar echt grote slagen in. Met verdere digitalisering – de inzet van big data – zorgen we voor klantenidentificatie en klantenbinding. Daar investeren we heel veel geld in. Dat is met name nodig omdat huishoudens minder goed identificeerbaar worden. Je kunt huishoudensgroepen niet meer over één kam scheren, hooguit de groep die aan het begin van de wooncarrière staat. Daar gelden nog zekere standaarden voor in termen van indeling en dergelijke. Maar de overige 65 procent – veelal alleenstaanden en samenwonenden – is zó divers.

Je ziet bijvoorbeeld mensen met dubbele banen – al dan niet in tijdelijke vorm – en verschillende woonadressen zijn inmiddels ook gebruikelijk in Duitsland en Frankrijk. Woningbehoeftes zijn steeds gevarieerder en financiële arrangementen ook.’

Lees het hele interview van Walter de Boer in VG Visie (pdf).

Kijk ook op